Het Nieuwe Normaal - Stoepkrijt

Het Nieuwe Normaal

Is covid-19 zwaar en lastig, onze huisschrijver Philip Willaert schildert in deze rubriek de positieve kanten ervan en de prachtkansen voor morgen. In de anderhalvemetermaatschappij zijn de grote ontdekkingen na Columbus terug begonnen en is ook de architectuur in het nieuwe normaal hiervan niet gespaard.

Stoepkrijt

Het gebeurt wel eens dat architectenbureaus mij vragen om deel uit te maken van een wedstrijdteam. Daar kan ik immens van genieten, ook al door mijn gefocuste interesse voor ruimte en architectuur. Als kind al. Ik herinner mij de monumentale gietijzeren overkapping van het station van Haarlem van architect Dirk Antonie Nicolaas Margadant en de vele tegeltableaus, refererend aan de art nouveau-jaren in Nederland. Ik was zeven. Later toen wij verhuisden naar Brussel betrokken we een immense herenwoning uit de tijd van de belle epoque met in het interieur ionische zuilen van wel drie à vier meter hoog. Op het plafond sierde een geschilderde pergola met bloeiende roosjes omwikkeld. Het heeft mij altijd gegrepen net zoals de fraai oplopende parktuin, de vele spiegels in de deuren en het roze damast aan de wand. Op de vloer lag er machtig parket, geheel oorspronkelijk in Hongaars verband, hier en daar ontbrak een latje of zat er een los. Schoorsteenmantels in neo-Vlaamse stijl, machtig breed uitgemeten en gitzwart. Op een steenworp woonden wij van het woonhuis van Victor Horta en van de elegante scheppingen van Paul Hankar en Adrien Blomme. Ik had het geluk in het  mekka van de art nouveau te zijn geland met niks anders dan impressionante golvende schoonheid. 

De architect die mij in de arm nam voor de architectuurwedstrijd staat aan het hoofd van een kleinschalig bureau, hij is ontzettend gedreven en werkt de ziel uit zijn lijf zoals de meeste van zijn confraters. Met de crisis, is ook voor deze architect, alles anders geworden. Meetings via teams of skype zijn dagelijkse kost. Om nog wat details te bespreken verliepen onze gesprekken steevast per telefoon. Hij klonk opvallend rustig, zo hoorde ik aan zijn stem. Ik vroeg hem of dit lome coronaritme zijn ritme en plannen niet in de war stuurden. Zijn antwoord verbaasde en verheugde mij tegelijkertijd. Hij vroeg zich hardop af of hij nadien nog in een hogere versnelling wilde verder werken. Het virus is dan toch voor iets goed denk ik bij mezelf, ook al zag ik die dag hartverscheurende beelden van withouten opgestapelde doodskisten in New York op een intriest verlaten fabrieksterrein. De offers wegen loodzwaar. Nu we gevangen zitten in ons kot, missen we opeens allerlei dingen die we als doodgewoon en banaal beschouwden. Geld en gewin zijn, nu we nauwelijks nog consumeren, niet de belangrijkste zaken in het leven. Het is duidelijk dat we op zoek moeten naar verdieping. Dat we zo radicaal zouden worden teruggefloten, had niemand durven denken. Feit is dat de netwerkeconomie in de globale wereld geleid heeft tot verlies van oude verbanden. En dat doet pijn, de miljarden staatssteun ten spijt. De Spaanse socioloog Manuel Castells had ons hiervoor al wijselijk gewaarschuwd en de vinger gelegd op de wonden van een doldraaiend globaal systeem. Als gevolg van wereldomspannende netwerken van rijkdom, macht en informatie heeft de moderne natiestaat veel van zijn soevereiniteit verloren, constateert Castells.

Als ik bij de bakker in de rij sta aan te schuiven, valt mijn oog op de kinderlijke met stoepkrijt getekende woorden: dikke kussen voor opa.

  • Aangemaakt op .

Adressen

België
MediaXel
Maria van Hongarijelaan 64
BE - 1083 Brussel
+32 (0)2 772 40 47
+32 (0)2 771 98 01 (fax)

Frankrijk
MMG SAS
55 avenue Marceau
FR - 75116 Paris

Contact

Secretariaat : Pascale Cloots

Advertenties :

Hoofdredacteur : Nicolas Houyoux

Social : Vincent de Puydt

MediaXel bvba - © 2019 - 
Verantwoordelijke uitgever : Philippe Maters, Maria van Hongarijelaan 64, BE - 1083 Brussel