De faculteit Economie en Bedrijfswetenschappen van de Complutense Universiteit van Madrid (UCM) beschikt voortaan over een nieuw hoofdgebouw dat zich harmonieus in zijn omgeving voegt en tegelijk een krachtige architecturale identiteit uitstraalt. Met dit kleurrijke volume, gekenmerkt door organische vormen en vloeiende lijnen, wilden architecte Silvia Babsky Nadel en haar partner Ramón Valls Navascués van het bureau BC Asociados de interactie tussen studenten en medewerkers stimuleren, zonder de bestaande campusstructuur te overheersen.
De buitengevels spelen op subtiele wijze in op de diversiteit van hun omgeving. Afhankelijk van de oriëntatie en de positie binnen het gebouw vormen de grootformaat keramische gevelpanelen van MOEDING een zorgvuldig georkestreerd patroon dat de bijzondere geometrie van het gebouw benadrukt. Vooral de gebogen panelen zijn bepalend voor het eindresultaat en zorgen ervoor dat het volume wordt ervaren als één homogene architecturale schil.
Een nieuwe schakel binnen een historische campus
Tot het einde van de jaren zestig was de faculteit Economie op verschillende locaties gevestigd voordat zij haar definitieve plek vond op de campus van Somosaguas in Pozuelo de Alarcón, ten westen van Madrid. Het oorspronkelijke complex bestond uit vijf afzonderlijke gebouwen, elk bestemd voor één studiejaar.
Na meer dan 55 jaar voldeden de geprefabriceerde gebouwen echter niet langer aan de hedendaagse eisen. Bovendien zorgde de verspreiding van onderwijs- en administratieve functies voor een gebrek aan samenhang. Daarom werd beslist de campus grondig te herstructureren en een nieuw centraal gebouw op te trekken. Het nieuwe volume verbindt vandaag de vier behouden gebouwen functioneel met elkaar. Enkel het gebouw voor het vierde studiejaar werd afgebroken.
Een verbindend volume rond binnenhoven
Het ontwerp, dat voortkwam uit een architectuurwedstrijd, werd bewust opgevat als een gebouw dat de bestaande campus omsluit en versterkt. Niet alleen de bestaande gebouwen, maar ook de landschappelijke kwaliteiten van de site moesten beter tot hun recht komen.
Met een bruto vloeroppervlakte van bijna 50.000 m² vormt het gebouw een doorlopende organische structuur van vier bouwlagen. De constructie combineert massieve bouwtechnieken met geprefabriceerde elementen. Het U-vormige volume met afgeronde lijnen omsluit vijf binnenhoven en creëert daarnaast aan de zuidzijde twee semi-open buitenruimtes.
Over de volledige lengte van het gebouw bevinden zich docentenkantoren, seminarieruimtes, auditoria, een evenementenzaal, administratieve diensten en een cafetaria. Onder het complex zijn bovendien twee ondergrondse parkeerniveaus voorzien.
Kleur en vorm als instrumenten voor energie-efficiëntie
Duurzaamheid speelde vanaf de eerste ontwerpfase een centrale rol. Het gebouw werd ontworpen volgens de Europese richtlijnen voor bijna-energieneutrale gebouwen (nZEB). Naast fotovoltaïsche installaties werd sterk ingezet op een performante gebouwschil en een doordachte volumetrie.
De gebouwvorm en de strategische plaatsing van ramen en deuren beperken warmteverliezen. Daarbij varieert de verhouding tussen gesloten en transparante geveldelen afhankelijk van hun positie. Aan de binnenhoven zorgen grote glaspartijen voor overvloedig daglicht en een sterke relatie met de buitenruimte. De buitengevels kregen daarentegen een compacte, geventileerde gevelbekleding in keramiek.
Om de energieprestaties verder te optimaliseren ontwikkelden de ontwerpers een uitgewerkt kleurconcept. De noordgevel wordt gekenmerkt door donkere grijs- en zwarttinten die bijdragen aan warmteabsorptie, terwijl de zuidgevel is uitgevoerd in lichtere en kleurrijkere nuances om oververhitting te beperken.
Ondanks de rijke kleurenvariatie behoudt het gebouw een rustige uitstraling dankzij de horizontale plaatsing van vlakke keramische panelen. Tegelijk zorgen de verschillende kleurvlakken voor een levendig ritme in het gevelbeeld. Voor het project ontwikkelde MOEDING maar liefst zeventien glazuurkleuren, volledig afgestemd op de nauwkeurige specificaties van de architecten.
Gebogen keramische panelen volgen de architectuur
Een belangrijke ontwerpdoelstelling was het behoud van zoveel mogelijk bestaande bomen op de campus. De afgeronde hoeken van het gebouw moesten zich op natuurlijke wijze inpassen in het groene landschap.
Deze ambitie kon enkel worden gerealiseerd dankzij speciaal ontwikkelde gebogen keramische panelen die de concave en convexe krommingen van het gebouw nauwkeurig volgen. In nauwe samenwerking tussen architect Silvia Babsky en de technische experts van MOEDING werden verschillende buigradii ontwikkeld, waardoor de afgeronde gevelzones een karakteristiek onderdeel van de architectuur zijn geworden.
Eenvoudige en veilige montage
Voor de bevestiging van de keramische panelen werd gebruikgemaakt van het L²-bevestigingssysteem van MOEDING. Dit systeem maakt een snelle en precieze montage mogelijk.
Elk paneel wordt aan de boven- en onderzijde ondersteund door aluminium profielen. De onderste houders zijn voorzien van een roestvrijstalen veer die tijdens de montage zonder extra gereedschap vastklikt in een groef aan de achterzijde van het paneel. Dit garandeert een duurzame, veilige en betrouwbare bevestiging van de volledige gevelbekleding.
Met zijn vloeiende lijnen, zorgvuldig uitgewerkte kleurconcept en innovatieve keramische gevel vormt het nieuwe gebouw van de Complutense Universiteit een eigentijdse architecturale blikvanger. Tegelijk slaagt het erin de bestaande campus te versterken en een inspirerende omgeving te creëren voor onderwijs, onderzoek en ontmoeting.




